Kunstdummie

Hoe echt is echt?

We willen dat alles ‘echt’ is. Ambachtelijk gebakken brood smaakt beter dan brood uit de supermarkt en in zelf geoogste wortelen zitten toch veel meer vitaminen? Eten moet ‘puur’ zijn en met kunst is dat precies hetzelfde. Kijk je niet veel liever naar de originele Mona Lisa dan naar een poster van haar?

door Janine van den Dool

In Taiwan bergen ze originele kunstwerken liever veilig op dan dat ze het tentoonstellen. De directeur van het National Palace museum in Taiwan is een groot voorstander van digitalisering van kunst. “Wordt de droom om in een schilderij te stappen op een dag waargemaakt?” vraagt Sunny Bergman hem in de Tegenlicht documentaire Hoe echt is echt. “De dagdat de technologie dit mogelijk maakt, zal ik Hoera! roepen” en hij steekt enthousiast een arm de lucht in. Sinds 1950 worden in dit museum Chinese kunstschatten bewaard en getoond. Sommige van deze kunstvoorwerpen zijn zo kwetsbaar dat ze beter in een kluis bewaard kunnen worden onder de beste omstandigheden. Dit kan dan wel beter zijn voor de voorwerpen, maar hoe kunnen wij dan nog van kunst genieten? Digitalisering biedt uitkomst. Op grote schermen kun je op hoge kwaliteit inzoomen op details van een porseleinen vaas. Je hoeft niet bang te zijn dat deze breekt! 

Makkelijk en goedkoop?

De directeur gelooft dat in de toekomst niemand meer een bezoek aan een museum hoeft te brengen, kunstwerken worden digitaal verspreid via allerlei sociale netwerken. Zo wordt kunst makkelijk en goedkoop toegankelijk voor iedereen overal ter wereld! Toch ziet niet iedereen enkel voordeel in de digitalisering van de kunstwereld. Walter Benjamin (1892-1940) schreef in 1936 het essay Kunst in het tijdperk van zijn reproduceerbaarheid. De veranderingen in de (kunst)wereld, zoals de opkomst van film en fotografie, zorgden ervoor dat kunst een andere positie kreeg in de maatschappij. Hij onderzocht hoe deze veranderingen invloed hadden op de aard en de sociale functie van kunst. 

Door een film te vertonen op een groot scherm kunnen er meerdere mensen op verschillende plaatsen tegelijkertijd van hetzelfde werk genieten. Maar is meer altijd beter? En wat is het origineel? Of is dat niet meer van belang? Laatst hoorde ik een jongetje tegen zijn vriendje zeggen: “Heb je hem zelfgemaakt ofzo, dat je er zo aan gehecht bent?” De pet op zijn hoofd was vaal en zag er inderdaad uit alsof hij hem al jaar en dag op zijn hoofd droeg. Er zit iets in handgemaakte voorwerpen, iets extra’s wat onzichtbaar en ongrijpbaar is wat ervoor zorgt dat we er veel waarde aan toekennen. Een kerstkaart van de Bruna gooi je met minder pijn in je hart weg dan een zelfgemaakte, of is dat mijn sentimentele aard?

Meer lezen?

Walter Benjamin, Het kunstwerk in het tijdperk van zijn technische reproduceerbaarheid (1936)
Cornel Bierens De handgezaagde ziel (2013) 

Bekijk de hele documentaire bij de VPRO.